Ecolening.Info: Duurzame financiering van uw woning
Subsidie, EcoLening & leveranciers
Duurzaam wonenSubsidieEcoleningDuurzame leveranciersDuurzaam nieuwsInfoBlogForumeShopOver ons
Gemeente
Provincie
Landelijk
's Hertogenbosch

's Hertogenbosch maakt gebruik van het Vlagheidefonds:


 

Regeling Vlagheidefonds voor duurzame energie 2009 v4 1
REGELING VLAGHEIDEFONDS VOOR DUURZAME ENERGIE 2009


Artikel 1 Definities
De regio ’s-Hertogenbosch:
De gemeenten behorend bij het Stadsgewest ’s-Hertogenbosch, te weten de gemeenten Boxtel,
Haaren, Maasdriel, Schijndel, ’s-Hertogenbosch, St. Michielsgestel, Vught en Heusden evenals de
contractgemeenten betrokken bij de stortplaats Vlagheide te Schijndel, te weten de gemeenten St.
Oedenrode, Veghel, Bernheze en Maasdonk.

DE-voorziening:
Een duurzame energievoorziening te weten
- PV-cellen,
- zonneboiler(systeem)
- systeem voor douchewater warmte-terugwinning
- kleinschalige windtoepassing, of
- een voorziening voor warmte-koude opslag, die zich bevinden in de regio ’s-Hertogenbosch.

PV-cellen, met uitzondering van mobiele systemen:
Panelen met photovoltaïsche zonnecellen met een gezamenlijk piek-vermogen van tenminste 100 Watt, ten behoeve van het opwekken van elektriciteit, welke nagelvast worden bevestigd op of aan één of meerdere percelen, openbare verlichting of gebouwen. Voor netgekoppelde systemen dient aan de NEN 1010 en aan de door EnergieNed opgestelde “Richtlijn voor de elektrische installatie van netgekoppelde PV-systemen”, dan wel de op enig tijdstip geldende opvolger van deze richtlijn te worden voldaan.

Zonneboiler (systeem > 3 GJ):
Een zonneboiler is bestemd voor het verwarmen van tapwater met behulp van zonlicht, waarbij de zonneboiler is aangebracht en geleverd door een derde, zijnde een ondernemer erkend conform REW1994 of REG 1994. De opbrengst van een zonneboiler dient bepaald te zijn volgens NPR 7976 “Bepaling van de energetische opbrengst van zonneboilers” of het EnergiePrestatieKeur voor zonneboilers (EPK).

Systeem voor douchewater warmte-terugwinning
Installaties voor de terugwinning van restwarmte uit douchewater door warmtewisselaar met een rendement van minimaal 50%.

Kleinschalige windenergie:
Installatie voor het omzetten van windenergie in elektrische energie met een rotordiameter kleiner dan 2 meter.

Voorziening voor warmte-koudeopslag
Door middel van een warmtepomp warmte en koude opslaan in bodem, (grond-)water of lucht.
• Monovalent: warmte-koudeopslag door met warmtepomp zonder bijverwarming;
• Bivalent: warmte-koudeopslag met warmtepomp met bijverwarming.

Aanvrager:
Regeling Vlagheidefonds voor duurzame energie 2009 v4 2 Een gemeente aangesloten bij het Vlagheidefonds, een particuliere eigenaar van een bestaande woning of een non-profit instelling niet zijnde een onderneming, die een DE-voorziening wil realiseren in de regio ’s-Hertogenbosch of een andere gemeente aangesloten bij het Vlagheidefonds. Een vereniging van eigenaren of woningcorporatie zijnde een stichting, vallen onder de definitie van een non-profit instelling.

De beheerder:
Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Sint-Michielsgestel of een rechtspersoon of natuurlijke persoon die door dit college is aangewezen om krachtens mandaat of delegatie deze regeling uit te voeren.

Vermeden CO2-emissie:
Bij de bepaling van de vermeden CO2-emissie wordt uitgegaan van de volgende uitgangspunten:
- het verbruik van 1 m3 aardgas(equivalent) komt overeen met een CO2-emissie van 1,78 kg;
- het verbruik van 1 kWh elektriciteit komt overeen met een CO2-emissie van 0,566 kg;
- 1 GJ komt overeen met een CO2-emissie van 50,6 kg.

Raad van Advies:
Instantie die bindend advies verleent over aanvragen aan de beheerder, waarin de regio ’s-Hertogenbosch is vertegenwoordigd en die wordt voorgezeten door een onafhankelijke deskundige derde partij.

EPN:
Energie Prestatie Norm. De norm wordt uitgedrukt in de Energie Prestatie Coëfficiënt (EPC) en geeft aan hoe energiezuinig een woning of gebouw is. Bij de behandeling van een aanvraag wordt die EPN gehanteerd die formeel geldt op de datum van binnenkomst van de subsidieaanvraag. De EPCberekening is opgenomen in het Bouwbesluit en de berekeningen zijn vastgelegd in NEN normen 2916 (utiliteitsbouw) en NEN 5128 (woningbouw).

Artikel 2 Subsidie
1. In het kader van deze regeling kan door de beheerder aan een aanvrager een financiële bijdrage worden verstrekt ten behoeve van een investering door die aanvrager in een DE-voorziening.
2. Geen financiële bijdrage wordt verstrekt indien en voor zover de in het kader van het project te treffen voorzieningen reeds eerder zijn gebruikt.

Artikel 3 Subsidiebudgetten en -bedragen
1. Er geldt een plafond voor de financiële bijdrage voor aanvragers binnen een gemeente, volgens onderstaande verdeelsleutel, afhankelijk van het jaarlijks beschikbare totaalbudget:
- de gemeente Boxtel van 8,48 %
- de gemeente Haaren van 4,05 %
- de gemeente Maasdriel van 5,28 %
- de gemeente Schijndel van 6,45 %
- de gemeente ’s-Hertogenbosch van 36,82 %
- de gemeente St. Michielsgestel van 7,92 %
- de gemeente Vught van 7,24 %
- de gemeente Heusden van 4,78 %
- de gemeente St. Oedenrode van 4,92 %
- de gemeente Veghel van 10,22 %
- de gemeente Bernheze van 2,50 %
- de gemeente Maasdonk van 1,34 %
totaal 100 %

Andere gemeenten buiten de regio ’s-Hertogenbosch, kunnen onder voorwaarden deelnemen aan het Vlagheidefonds (zie artikel 15). Wanneer is ingestemd met een verzoek tot toetreding tot het Vlagheidefonds van andere gemeenten buiten de regio ’s-Hertogenbosch, dient een bedrag van € 1,37 per inwoner in het Vlagheidefonds ingelegd te worden (uitgaande van het aantal inwoners van Regeling Vlagheidefonds voor duurzame energie 2009 v4 3 deze gemeente op 1 januari van het jaar van toetreding). Over eventuele personele vertegenwoordiging binnen de Raad van Advies van deze gemeenten beslist de Raad van Advies. Om communicatieactiviteiten te kunnen blijven ontplooien zal maximaal 8 % van het beschikbare budget van elke gemeente hiervoor gereserveerd worden. Tevens wordt 2 % van het beschikbare budget gereserveerd voor de kosten van het administratieve en financiële beheer, dat door of namens de beheerder wordt uitgevoerd. 70% van het beschikbare budget is voor individuele particuliere, non-profit of gemeentelijke initiatieven. En 20 % van het beschikbare budget zal per gemeente naar rato van het inwonertal (per 1 januari van het jaar van toetreding) gereserveerd worden voor gezamenlijke grootschalige duurzame projecten. Met gezamenlijk wordt in deze bedoeld, 2 of meer gemeentes betrokken bij deze regeling. Indien per gemeente het beschikbare budget voor voor individuele particuliere, nonprofit of gemeentelijke initiatieven op is, kan deze gemeente besluiten dit budget aan te vullen met het budget voor gezamelijke grootschalige projecten. Deze gelden zijn beschikbaar, als concrete duurzaamheidsdoelen gehaald worden. De duurzaamheidsdoelen moeten om te zetten zijn in aantal kg bespaarde CO2 of op een andere manier fysiek beleefbaar zijn.

Binnen deze duurzaamheidsdoelen vallen in ieder geval niet:
- communicatieprojecten;
- educatieprojecten.
Financiering maximaal 25% van het project.

Bij deelname meer dan 50% van de Vlagheidegemeenten:
Financiering maximaal 50% van het project en maximaal 50% van het beschikbare bedrag. Gezien de zich snel wijzigende wetgeving met betrekking tot duurzame energie en CO2 gerelateerde projecten is het niet mogelijk een eenduidige definitie vast te stellen die als kader kan dienen om dergelijke projecten te beoordelen. Vooralsnog worden de grootschalige projecten zonder een dergelijk kader, naar bevinden van de Raad van Advies beoordeeld. In een jaarlijks vast te stellen bijlage bij deze regeling staan de bedragen per gemeente genoemd, en ook de bedragen beschikbaar voor communicatie en innovatieve projecten.

2. De hoogte van de financiële bijdrage voor de particuliere eigenaar van een bestaande woning (gebouwd vóór 1 januari 2009) bedraagt:
a. Voor de aanschaf en installatie van PV-cellen op de eigen woning: eenmalig een bedrag van € 2,00 per Watt-piek met een maximum van € 1600,00 (corresponderend met 800 Watt-piek);
b. Voor de aanschaf en installatie van een zonneboiler of installatie voor douchewater warmteterugwinning op de eigen woning: eenmalig een bedrag van € 300,-;
c. Voor de aanschaf van een kleinschalige windenergie-installatie: eenmalig een bedrag van € 500,- per kW geïnstalleerd vermogen;
d. Voor de aanschaf van een installatie ten behoeve van warmte-koude opslag (WKO): eenmalige een bedrag van € 500,- per installatie.

Met eenmalig wordt bedoeld dat een aanvrager slechts één keer een aanvraag per kalenderjaar per locatie/adres per DE-voorziening in kan dienen. Een aanvrager kan dus wel in één aanvraag voor meerdere DE-voorzieningen subsidie aanvragen, maar niet meerdere losse aanvragen voor eenzelfde duurzame energievoorziening na elkaar. Meerdere aanvragen (voor verschillende DE-voorzieningen) in een kalenderjaar zijn wel toegestaan.

3. De hoogte van de financiële bijdrage voor de particuliere eigenaar van een nieuwe woning bedraagt:
a. Bij een EPC van 0,0: € 10.000,- per woning plus een vergoeding van de kosten van de namens het Vlagheidefonds uitgevoerde EPC-inspectie na oplevering van de woning volgens de hiervoor gepubliceerde handleiding op www.bouwtransparant.nl tot een maximum van € 1000,- per woning. Zie ook lid 6; Regeling Vlagheidefonds voor duurzame energie 2009 v4 4
b. Bij een EPC die 50% lager ligt dan de geldende EPC ten tijde van de indiening van de aanvraag: € 5.000,- per woning plus een vergoeding van de kosten van de namens het Vlagheidefonds uitgevoerde EPC-inspectie (zie lid 3 onder a.) met een maximumbijdrage van € 1000,- per woning.
c. Bij een EPC die tussen 50,0 tot 100% lager ligt dan de geldende EPN, wordt naar rato een vergoeding verstrekt. Bij een EPC van 0,2 (75 % lager dan de huidige EPC-eis van 0,8) wordt dus een bijdrage verstrekt van € 7.500,- plus een vergoeding van de kosten van de namens het Vlagheidefonds uitgevoerde EPC-inspectie (zie lid 3 onder a.) met een maximumbijdrage van € 1000,- per woning.
d. De vaststelling en uitbetaling van de bijdrage vindt plaats aan de hand van (kopieën van) de overgelegde rapportage van de EPC-inspectie en de nota van kosten van de EPC-inspectie en op voorwaarde dat uit de rapportage blijkt dat de berekende EPC na oplevering is bereikt.
e. Waneer een bijdrage is verkregen op grond van 3 a. t/m c. komt men niet meer in aanmerking voor bijdragen genoemd onder 2 op hetzelfde adres dan wel perceel.
f. Bij de aanvraag dient een EPC-berekening van de nieuw te bouwen woning en een kopie van de verleende bouwvergunning van de woning gevoegd te worden.
4. De hoogte van de financiële bijdrage voor bestaand gebouw (gebouwd vóór 1 januari 2009) van een gemeente of non-profitinstelling bedraagt:
a. Voor de aanschaf en installatie van PV-cellen: eenmalig een bedrag van € 2,00 per Watt-piek;
b. Voor de aanschaf en installatie van een zonneboilersysteem of installatie voor douchewater warmte-terugwinning: eenmalig een bedrag van € 35,- per GJ jaaropbrengst dan wel GJ
besparing per jaar;
c. Voor de aanschaf van een kleinschalige windenergie-installatie: eenmalig een bedrag van € 500,- per kW geïnstalleerd vermogen;
d. Voor de aanschaf van een installatie ten behoeve van warmte-koude opslag in bodem of (grond-)water (WKO): eenmalig een bedrag van € 50,- per kW voor een monovalent systeem en € 125,- per kW voor een bivalent systeem.
5. De hoogte van de financiële bijdrage voor een nieuw te bouwen gebouw van een gemeente of non-profitinstelling met een (verwarmde) inhoud van maximaal 1000 m3 bedraagt:
a. Bij een EPC van 0,0: € 20,- per m3 inhoud (bepaald volgens de NEN 2580) plus een vergoeding van de kosten van de namens het Vlagheidefonds uitgevoerde EPC-inspectie na oplevering van het gebouw volgens de hiervoor gepubliceerde handleiding op www.bouwtransparant.nl tot een maximum van € 2000,- per gebouw. Zie ook lid 6;
b. Bij een EPC die 50% lager ligt dan de geldende EPN ten tijde van de indiening van de aanvraag: € 10,- per m3 inhoud (bepaald volgens de NEN 2580) plus een vergoeding van de kosten van de namens het Vlagheidefonds uitgevoerde EPC-inspectie (zie 5a.) met een maximumbijdrage van € 2000,- per gebouw;
c. Bij een EPC die tussen 50,0 tot 100% lager ligt dan de geldende EPC, wordt naar rato een vergoeding verstrekt. 75% lager dan de huidige EPC-eis is dus € 15,- per m3 inhoud (bepaald volgens de NEN 2580) plus een vergoeding van de kosten van de namens het Vlagheidefonds uitgevoerde EPC-inspectie (zie 5a.) met een maximumbijdrage van € 2000,- per gebouw;
d. De vaststelling en uitbetaling van de bijdrage vindt plaats aan de hand van (kopieën van) de overgelegde rapportage van de EPC-inspectie en de nota van de EPC-inspectie en op voorwaarde dat uit de rapportage blijkt dat de berekende EPC na oplevering is bereikt.
e. Waneer een bijdrage is verkregen op grond van 5 a. t/m c. komt men niet meer in aanmerking voor bijdragen genoemd onder 4 op hetzelfde adres.
f. Bij de aanvraag dient een EPC-berekening het nieuw te bouwen gebouw en een kopie van de verleende bouwvergunning van het gebouw gevoegd te worden.
6. De beheerder zal de EPC-inspectie, genoemd in lid 3 en 5 uit laten voeren door erkende inspectiebedrijven, waarmee raamcontracten zijn afgesloten. Deze vergoeding wordt uitgekeerd aan de inspectiebedrijven en niet aan de aanvrager. Indien de kosten van de EPC-inspectie meer bedragen dan de maximumbijdrage aan de EPC-inspectie, worden deze verrekend met de uiteindelijke bijdrage.
7. De financiële bijdrage voor een project bedraagt maximaal 50% van het jaarlijks per gemeente beschikbare totale bedrag volgens de bijlage uit het eerste lid van dit artikel. Regeling Vlagheidefonds voor duurzame energie 2009 v4 5
8. De beheerder kan een te verlenen financiële bijdrage op een lager bedrag dan voortvloeit uit het
eerste lid tot en met vierde lid of op nihil bepalen, indien zulks naar het oordeel van de beheerder
redelijk is vanwege een eventuele andere verleende financiële bijdrage voor het project.

Artikel 4 Indienen aanvraag
1. Een aanvraag voor een financiële bijdrage dient te worden ingediend voordat met het installeren dan wel aanschaffen van de voorzieningen in het kader van het project is gestart.
2. Voor het indienen van een aanvraag dient gebruik gemaakt te worden van een bij de beheerder verkrijgbaar aanvraagformulier. Een aanvraag is compleet indien het aanvraagformulier volledig is ingevuld en ondertekend en voorzien is van alle bescheiden die blijkens het aanvraagformulier moeten worden meegezonden.
3. De beheerder bevestigt de ontvangst van de aanvraag. Indien een aanvraag niet compleet is, verzoekt de beheerder de aanvrager om deze aanvraag binnen een door de beheerder te bepalen redelijke termijn aan te vullen. De beheerder kan daarnaast te allen tijde de aanvrager verzoeken om nadere informatie te verschaffen, indien zulks nodig is voor een goede beoordeling van de aanvraag.

Artikel 5 Behandeling aanvraag
1. Aanvragen worden behandeld in de volgorde waarin zij als complete aanvraag zijn ontvangen.
2. De beheerder wint over de aanvraag bindend advies in van de Raad van Advies van het Vlagheidefonds. De beheerder kan daarnaast voorafgaand aan deze adviesaanvraag te allen tijde advies inwinnen van anderen. In dat geval legt de beheerder dat advies voor aan de Raad van Advies.
3. De beheerder neemt een beslissing op de aanvraag binnen 13 weken na ontvangst van de complete aanvraag. De beheerder kan deze termijn met een redelijke termijn verlengen. Van deze verlening wordt schriftelijk mededeling gedaan aan de aanvrager.

Artikel 6 Subsidieplafonds
Wanneer de in artikel 3, lid 1 opgenomen plafonds voor per gemeente zijn bereikt zal moeten worden gezocht naar bronnen van financiering. Het bestaat tot de mogelijkheden dat een gemeente een individuele storting doet, welke volgens artikel 3 in het fonds besteed zal worden en ten goede zal komen aan het budget voor die gemeente.

Artikel 7 Afwijzen aanvraag
1. Een aanvraag wordt in ieder geval afgewezen indien:
a. de aanvraag niet voldoet aan hetgeen bij of krachtens deze regeling is bepaald;
b. het plafond dat beschikbaar is voor het verlenen van financiële bijdragen is bereikt in de gemeente waar de aanvrager woonachtig is, als gevolg van het verlenen van financiële bijdragen naar aanleiding van eerder ingediende aanvragen;
c. de aanvrager failliet is verklaard of aan de aanvrager surséance van betaling is verleend;
d. er gegronde vrees bestaat dat de aanvrager het voorgenomen project niet of niet naar behoren tot uitvoering zal brengen;
e. indien de aanvrager onjuiste of onvolledige gegevens heeft verstrekt, waarvan hij wist of behoorde te weten dat deze gegevens tot een onjuiste beslissing op de aanvraag zouden leiden;
f. of indien de locatie waarvoor subsidie wordt aangevraagd niet in de regio ’s-Hertogenbosch (of in de Provincie Noord-Oost Brabant indien meerdere gemeenten zijn toegetreden) ligt. Regeling Vlagheidefonds voor duurzame energie 2009 v4 6
2. Een aanvraag kan voorts worden afgewezen indien het project respectievelijk de in het kader van het project te treffen voorzieningen naar het oordeel van de beheerder of de Raad van Advies, van onvoldoende kwaliteit zijn of onvoldoende veilig zijn of indien het project naar het oordeel van de beheerder of de Raad van Advies onvoldoende bijdraagt aan de toepassing van duurzame energie in de regio ’s-Hertogenbosch.
3. Indien de beheerder op een aanvraag afwijzend beslist, deelt de beheerder dit schriftelijk aan de aanvrager mee onder opgave van de aan die beslissing ten grondslag liggende reden(en).
4. Als een aanvraag wordt afgewezen of de aanvrager is het om een andere reden niet eens met de beslissing op de aanvraag, dan kan de aanvrager op grond van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) bezwaar maken tegen deze beslissing. Het bezwaar dient binnen zes weken na verzending van het besluit ingediend te zijn bij het bestuursorgaan dat het besluit heeft genomen (de beheerder). Overschrijding van die termijn betekent dat het bezwaar niet ontvankelijk zal worden verklaard. Als de aanvrager het niet eens is met de beslissing op het bezwaar, kan de aanvrager in beroep gaan bij de rechter.

Artikel 8 Verlenen subsidie
1. Indien de beheerder naar aanleiding van een aanvraag besluit een financiële bijdrage te verlenen, deelt de beheerder dit schriftelijk aan de aanvrager mee.
2. De in het eerste lid bedoelde beschikking bevat in ieder geval de volgende informatie:
a. het bedrag van de verleende financiële bijdrage;
b. een omschrijving van het project waarop de beschikking betrekking heeft;
c. de termijn waarbinnen de voorzieningen in het kader van het project moeten zijn gerealiseerd en in gebruik genomen, zijnde 10 maanden na de datum van toekenningsbeschikking;
d. de eventuele aan de verlening van de financiële bijdrage verbonden voorwaarden en verplichtingen;
e. de periode gedurende welke de voorzieningen in het kader van het project in ieder geval in stand moeten worden gehouden, zijnde minimaal 5 jaar.

Artikel 9 Controle van installatie
1. Daartoe door de beheerder aangewezen personen zullen gerechtigd zijn om in overleg met de aanvrager het project te bezichtigen en inzage te krijgen in alle documenten en bescheiden met betrekking tot het project, voor zover dat nodig is om de naleving van het bij of krachtens deze regeling bepaalde te beoordelen.
2. Ingeval van een DE-voorziening met netgekoppelde systemen dient de aansluiting van de systemen op het elektriciteitsnet te voldoen aan de door elektriciteitsleverancier en EnergieNed gehanteerde richtlijnen.

Artikel 10 Uitkering subsidie
1. De aanvrager dient een verzoek om vaststelling en uitbetaling van de financiële bijdrage bij de beheerder in binnen twee maanden nadat de voorzieningen in het kader van het project zijn gerealiseerd en in gebruik genomen. Daarbij dient gebruik gemaakt te worden van het bij goedkeuring van de aanvraag toegestuurde vaststellingsformulier dat volledig dient te worden ingevuld en ondertekend, en waaruit blijkt dat het project overeenkomstig het bij of krachtens deze regeling bepaalde is uitgevoerd. Ook dienen betalingsbewijzen met betrekking tot de projectkosten bij het verzoek om vaststelling en uitbetaling van de financiële bijdrage te worden toegevoegd. Regeling Vlagheidefonds voor duurzame energie 2009 v4 7
2. De beheerder kan de aanvrager te allen tijde verzoeken om nadere informatie te verschaffen, voorzover die informatie in redelijkheid nodig is om de juistheid van het verzoek om vaststelling en uitbetaling van de financiële bijdrage te beoordelen.

Artikel 11
De beheerder kan de financiële bijdrage op een lager bedrag of op nihil vaststellen indien:
a. de aanvrager niet heeft voldaan aan enige bij of krachtens deze regeling voor hem geldende verplichtingen;
b. het project niet of niet overeenkomstig de aanvraag is uitgevoerd;
c. de aanvrager onjuiste of onvolledige gegevens heeft verstrekt, waarvan hij wist of behoorde te weten dat deze gegevens tot een onjuiste beslissing op de aanvraag zouden leiden;
d. of de aanvrager failliet is verklaard.

Artikel 12 Evaluatie en terugvordering
1. De aanvrager is tot vijf jaar na de vaststelling van de financiële bijdrage verplicht om in redelijkheid medewerking te verlenen aan een eventuele door of namens de beheerder uit te voeren evaluatie van het project.
2. In het kader van deze regeling uitbetaalde bedragen zijn tot vijf jaar na vaststelling van de financiële bijdrage door de beheerder terugvorderbaar indien blijkt dat de aanvrager niet heeft voldaan aan enige bij of krachtens deze regeling voor hem geldende verplichting. Indien de aanvrager niet heeft voldaan aan een instandhoudingverplichting als bedoeld in artikel 8, tweede lid onder e, zijn, in afwijking van de eerste volzin, in het kader van deze regeling aan hem uitbetaalde bedragen terugvorderbaar tot vijf jaar nadat is geconstateerd dat niet aan die verplichting is voldaan, mits dan nog geen tien jaar is verstreken na het moment van vaststelling van de financiële bijdrage.

Artikel 13 Geldigheid regeling
Deze regeling vervangt de Regeling Vlagheidefonds voor duurzame energie 2005 en geldt totdat de financiële middelen zijn uitgeput.

Artikel 14 Uitzonderingsgevallen
In alle gevallen waarin deze regeling niet voorziet beslist de Raad van Advies van het Vlagheidefonds.

Artikel 15 Wijzigen regeling en toetreding
1. De Raad van Advies kan deze regeling wijzigen of aanvullen.
2. Een wijziging en/of aanvulling van deze regeling of verzoek van een gemeente tot toetreding tot het Vlagheidefonds wordt medegedeeld aan alle gemeenten/partijen binnen het Vlagheidefonds. Indien niet ten minste een van de gemeenten/partijen binnen zes weken na verzending van het voorstel door de beheerder schriftelijk aan de Raad van Advies van het Vlagheidefonds te kennen heeft gegeven het niet met het voorstel eens te zijn, wordt het voorstel geacht te zijn aangenomen, en maakt het onderdeel uit van deze regeling vanaf bekendmaking hiervan door de beheerder van het Vlagheidefonds aan de gemeenten/partijen.
3. Indien door een of meerdere gemeenten/partijen bezwaar wordt ingediend tegen een voorgenomen wijziging en/of aanvulling dan wel toetreding, zal dit in ieder geval tijdens het eerst volgende portefeuillehoudersoverleg Milieu & Afval regio ’s-Hertogenbosch aan de orde worden gesteld. Regeling Vlagheidefonds voor duurzame energie 2009 v4 8
4. Gemeenten kunnen toetreden tot het Vlagheidefonds indien zij zijn gelegen in de provincie Noord-Brabant.

Artikel 16 Naam regeling
Deze regeling kan worden aangehaald als “Regeling Vlagheidefonds voor duurzame energie 2009”.

Artikel 17 Inwerkingtreding

Deze regeling treedt in werking op 1 april 2009
Aldus vastgesteld door de Raad van Advies op 5 maart 2009 te Boxtel vertegenwoordigd door:
Henk Hellegers Ger van den Oetelaar
voorzitter Gemeente Boxtel
Femke Verhoeven John van Zuijlen
Gemeente ’s-Hertogenbosch Gemeente Sint-Michielsgestel



Duurzaam wonenSubsidieEcoleningDuurzame leveranciersDuurzaam nieuwsInfoBlogForumeShopOver ons